Smitt Training & Advies

Competentiegericht werken

 


Meldcode Huiselijk Geweld en Kindermishandeling

De Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling helpt professionals goed te reageren bij signalen van geweld. Bijvoorbeeld huisartsen, leerkrachten en medewerkers van jeugdinrichtingen. Sinds 1 juli 2013 zijn beroepskrachten verplicht een meldcode te gebruiken bij vermoedens van geweld in huiselijke kring.

Meldcode maken volgens het basismodel

Een meldcode beschrijft in 5 stappen wat professionals moeten doen bij vermoedens van geweld. Organisaties en zelfstandige beroepsbeoefenaren stellen een eigen meldcode op met daarin in ieder geval deze 5 stappen:


Overige acties voor de organisatie:

Daarnaast moet de organisatie:

  • benoemen wie de stappen moet doorlopen. En vastleggen wie eindverantwoordelijk is voor de beslissing over het wel of niet melden. Zo kan een school afspreken dat de leerkracht de signalen bespreekt met de zorgcoördinator.
  • aandacht besteden aan vormen van geweld die extra kennis en vaardigheden van medewerkers vragen. Bijvoorbeeld vrouwelijke genitale verminking en eergerelateerd geweld
  • instructies opstellen voor het uitvoeren van een kindcheck. Bij een kindcheck controleren professionals of er kinderen in een gezin zijn en of ze veilig zijn. Bijvoorbeeld als een ouder een psychische stoornis heeft of verslaafd is.
  • vastleggen hoe medewerkers moeten omgaan met (vermoedelijk) vertrouwelijke gegevens.


Toolkit: hulpmiddelen voor het maken en gebruiken van de meldcode

Wie een meldcode gaat opstellen, kan het Basismodel Meldcode gebruiken. Ook bevat de toolkit Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling hulpmiddelen om de meldcode in de organisatie in te voeren. Zoals een checklist voor managers en een standaardpresentatie. 

Nieuwe toolkit:

De kindcheck is een nieuwe stap. Net als de verplichte raadpleging bij "Veilig Thuis" bij twijfel (stap 4). En de mogelijkheid om een deskundige op het gebied van letselduiding te raadplegen (stap 2). Vanaf 1 januari 2019 komt daar ook Het Afwegingskader bij. 


Meldcode werkt!

Professionals die werken met een meldcode grijpen 3 keer zo vaak in als collega's die zo'n code niet gebruiken. Dit blijkt uit onderzoek. Beroepskrachten moeten daarom beschikken over een meldcode voor het omgaan met signalen van geweld.

Sinds 1 juli 2013 zijn organisaties en zelfstandigen verplicht een meldcode te hebben. Dit is vastgelegd in de wet Verplichte meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling. De wet geldt voor de sectoren:

  • gezondheidszorg
  • onderwijs
  • kinderopvang
  • maatschappelijke ondersteuning
  • jeugdzorg
  • justitie

De verplichting geldt niet voor vrijwilligersorganisaties. Wanneer zij zelf een stappenplan opstellen, juicht het Rijk dit toe.


Geen meldplicht

Een verplichte meldcode is iets anders dan een meldplicht. Bij een meldplicht moet de professional zijn vermoeden van geweld melden bij andere instanties. Die verplichting bestaat niet bij een meldcode. De beslissing om vermoedens van huiselijk geweld wel of niet te melden, neemt de professional. Het stappenplan van de meldcode biedt hem houvast bij die afweging.


Beroepsgeheim versus meldcode

Hulpverleners die hulp, zorg, steun of een andere begeleiding bieden, hebben vaak een beroepsgeheim. Dit wordt ook wel zwijgplicht genoemd. Door die zwijgplicht mag de hulpverlener geen informatie over de cliënt aan anderen geven, behalve als de cliënt daarvoor toestemming geeft. De cliënt kan zich hierdoor vrij voelen om alles te vertellen. Toch kan het in het belang zijn van de cliënt om vertrouwelijke gegevens uit te wisselen met collega's of anderen.

In de wet meldcode is een meldrecht voor huiselijk geweld opgenomen. Dit recht bestond al langer voor kindermishandeling. Een meldrecht houdt in dat professionals met een beroepsgeheim (vermoedens van) huiselijk geweld mogen melden bij Veilig Thuis. Ook zonder toestemming van de betrokkenen.  


Toezicht op de meldcode

Inspecties controleren of organisaties en zelfstandigen een meldcode hebben en of zij het gebruik en de kennis daarvan bevorderen. Dit gebeurt door de:

  • inspectie voor de gezondheidszorg
  • onderwijsinspectie
  • inspectie jeugdzorg
  • inspectie Veiligheid & Justitie

Gemeenten houden toezicht op de sectoren maatschappelijke ondersteuning en kinderopvang. Voor gemeenten is dit een nieuwe taak. Daarom is een factsheet meldcode opgesteld voor gemeenten. Deze kunt u hier onder downloaden.